Zo ontvang jij voortaan makkelijk feedback!

Feedback geven is moeilijk, maar kritiek ontvangen is al helemaal niet gemakkelijk. Het kan als negatieve kritiek of een persoonlijke aanval voelen en misschien leidt het zelfs tot een deukje in je zelfvertrouwen. Dit is helemaal niet nodig! Feedback is juist goed voor je ontwikkeling; je krijgt een helderder beeld van waar je goed in bent, maar je weet ook meteen wat beter kan. Hoe ontvang je feedback zonder dat je van de wijs wordt gebracht?

  1. Luister actief. Zorg dat je verbaal en non-verbaal laat zien dat je echt wilt horen wat de ander zegt. Knik, heb een open houding en maak bijvoorbeeld aantekeningen. Praat niet door de andere persoon heen, maar laat hem of haar uitpraten.
  2. Schiet niet meteen in de verdediging. Dit sluit aan bij actief luisteren. Het is heel verleidelijk om meteen uit te leggen waarom je iets hebt gedaan of gezegd, maar laat iemand eerst zijn/haar zegje doen. Niet in de verdediging schieten betekent nog niet dat je het met de ander eens bent.
  3. Betrek de feedback niet op jou als persoon. Als het goed is, is de kritiek gericht op jouw werk of gedrag. Het gaat niet om jou persoonlijk, dus twijfel niet aan jouw waarde als mens!
  4. Vraag door en probeer het te begrijpen. Degene die feedback geeft, legt uit hoe iets voor hem/haar overkomt, dus neem dit serieus. Zorg dat je concreet weet wat er gaande is en wat je kan veranderen.
  5. Vat de feedback samen. Check of je de ander hebt begrepen door samen te vatten en door te vragen. Met een samenvatting breng je ruimte in het gesprek, waardoor jouw eerste reactie naar de achtergrond verdwijnt. Daarnaast hoort de persoon die feedback geeft zijn eigen woorden terug en kan de feedback concreet worden gemaakt.
  6. Waardeer de feedback. Bedank degene die feedback geeft. Het voelt misschien wat vreemd, maar iemand doet moeite om jou te helpen. Voor de ander is het misschien ook moeilijk om feedback te geven>>, dus waardeer wat degene zegt. Het is bovendien goed voor de (werk)relatie.
  7. Denk na over de feedback. Je bepaalt zelf wat je doet met de informatie. Vind je het positief of negatief? Komt het je bekend voor? Kun je er iets mee? Wil je er überhaupt iets mee?
  8. Vraag af en toe om feedback. Laat na al deze stappen aan de feedbackgever weten wat je met de informatie doet. Als je niet verrast wil worden door feedback, kan je er voortaan zelf om vragen. Je krijgt dan concrete informatie en het komt mogelijk minder aanvallend over!

Bovenstaande punten zijn vooral gericht op negatieve feedback. Ook positieve feedback, dus een compliment, is soms moeilijk om te ontvangen. Veel mensen reageren ontkennend of wuiven het compliment weg. Door deze valse bescheidenheid worden minder snel opnieuw complimenten gegeven, wat natuurlijk zonde is. Volg dus ook bij positieve feedback bovenstaande regels. Vraag door naar wat er precies zo goed was, bedank en denk erover na. Geef ook regelmatig een compliment terug. Dit bevordert de relatie en geeft vertrouwen.

Meer lezen:

Bronnen:

Mijd werkmails tijdens vakantie!

Nog even en de vakanties breken weer aan. Hoe ga ik dan om met mijn werkmail? Moet ik die regelmatig even checken of moet ik mijn werk helemaal loslaten? Met deze tips zorg je ervoor dat je op vakantie ook echt vrij bent en kunt genieten!

Uit onderzoeken blijkt dat veel werknemers (naar schatting één op de vijf) het niet kunnen laten en op vakantie toch even de werkmail checken. Niet verstandig. Zo kom je dus nooit los van je werk. Je hebt het hele jaar hard gewerkt en daarom heb je het recht om een paar weken te genieten van vrije tijd. We geven je de volgende tips om verantwoord om te gaan met je werkmail.

1. Vertrouw je collega’s.
Je hebt ongetwijfeld een plaatsvervanger waarmee je het hele jaar al samenwerkt. Laat het werk los en ga ervan uit dat problemen en vragen tijdens je vakantie door je collega’s worden opgelost.

2. Vermijd televisie en laptop.
Om niet in verleiding te komen, kun je het best je laptop thuislaten en internetcafés vermijden. Houd ook de tv op afstand. Even geen televisie versterkt het vakantiegevoel.

3. Leef in het nu.
Wat er op je werk gebeurt, kun je weinig meer aan veranderen. Ook wat er in de toekomst gebeurt, doet er nu even niet toe. Geniet van dit moment en neem de tijd voor jezelf.

4. Stop met piekeren.
Denk niet te veel aan het werk. Wanneer je goed uitrust, heb je straks weer voldoende energie en kun je alles op het werk weer aan.

5. Zet werkmail onzichtbaar.
Veel werknemers checken hun werkmail op de smartphone. Zet je werkmail onzichtbaar door je instellingen op je telefoon aan te passen. Kleine moeite en je hebt er veel plezier van. Dan schrik je niet van het grote aantal mails en kom je niet in de verleiding om toch even de mail te checken.

6. Maak een keiharde afspraak met jezelf.
Misschien heb je een positie op je werk dat je toch af en toe even je mail moet checken. Zorg dan dat je een vast moment op de dag uitkiest. Baken de tijden af en overleg dat van tevoren met je reisgenoten. Check bijvoorbeeld een paar keer per week in de ochtend een half uurtje je werkmail. De rest van de dag kun je heerlijk ontspannen en genieten. En houd je aan deze afspraak!

Prettige vakantie!

Zwanger en werken, hoe combineer je dat?

Ben je zwanger? Of is je partner zwanger? Van harte gefeliciteerd! We hopen dat het een goede en ontspannen zwangerschap wordt. Bij dat laatste willen we je graag helpen met een aantal tips die de combinatie werken en zwanger zijn een stuk aangenamer maken. Ook hebben we tips voor je over zaken die je moet regelen met je werkgever als je zwanger bent.

  1. Wanneer moet ik mijn zwangerschap aan mijn werkgever melden?
    Vanuit de Wet Arbeid en Zorg ben je verplicht om uiterlijk 3 weken voordat je met zwangerschapsverlof wilt gaan, dit te melden aan je werkgever. Het is verstandig om het toch eerder te melden, want pas daarna heb je recht op de wettelijke bescherming tijdens je zwangerschap.
  2. Wat kan ik van mijn werkgever verwachten?
    Binnen 2 weken na dat je je zwangerschap hebt gemeld, hoort je werkgever voorlichting te geven. Hij of zij informeert je dan over mogelijke gevaren op de werkvloer. Verder vertelt hij je welke maatregelingen hij heeft getroffen om gevaren te voorkomen. Ook kun je vragen naar de RI&E. Elke organisatie of bedrijf is verplicht om een R&I op te stellen. Hierin staat hoe werknemers veilig en gezond kunnen werken inclusief een inventarisatie van de specifieke risico’s voor werkneemsters tijdens de zwangerschap. Uiteraard kun je ook altijd contact opnemen met je arbodienst.
  3. Mijn werk valt mij, door mijn zwangerschap, best zwaar. Wat moet ik doen? En wat zijn mijn rechten?
    Mocht je werk te zwaar worden, trek dan tijdig bij je werkgever aan de bel. In de Arbowet staat beschreven welke maatregelen in welke volgorde genomen moeten worden. Mocht de eerste maatregel redelijkerwijs niet mogelijk zijn, dan moet er naar de volgende maatregel gekeken worden.De maatregelen:
    – de risico’s wegnemen binnen de eigen functie en de eigen werkplek
    – aanpassing van het werk en/of aanpassing van de werk- en rusttijden
    – ander werk
    – het tijdelijk vrijstellen van het verrichten van arbeidDe Arbowet kent 4 expliciete verboden voor een zwangere werknemer. Zij mag in het werk niet:
    – worden blootgesteld aan lood en zijn verbindingen;
    – worden blootgesteld aan Toxoplasma (Kattenziekte) en het Rubellavirus (Rodehond);
    – werken onder overdruk zoals duiken en caissonarbeid;
    – werken in de ondergrondse winningindustrie.
    Overige maatregelen die de werkgever moet nemen:
    – Voldoende rustpauzes tijdens het werk wanneer de zwangere werknemer staand werk verricht;
    – Tijdens de zwangerschap mag de werknemer niet worden blootgesteld aan sterke lichaamstrillingen of schokken;
    – Zorg dat het geluidsniveau niet boven de 80 dB(A) komt;
    – Voorkom blootstelling aan stoffen die de gezondheid van de zwangere werknemer en het ongeboren kind in gevaar kunnen brengen, zoals kankerverwekkende stoffen.
  4. Hoeveel en hoe vaak mag ik tillen tijdens mijn zwangerschap?
    Tijdens de zwangerschap en tot 3 maanden na de bevalling moet het handmatig tillen van lasten zoveel mogelijk worden beperkt. Is tillen toch nodig, dan moet het in één handeling te tillen gewicht minder dan 10 kilo zijn. Vanaf de twintigste week van de zwangerschap mag er niet vaker meer dan 10 keer per dag maximaal 5 kilo getild worden. Vanaf de dertigste zwangerschapsweek niet vaker dan 5 keer maximaal 5 kilo. Daarnaast mag er tijdens de laatste 3 maanden van de zwangerschap niet vaker dan 1 maal per uur gebukt, gehurkt, geknield of staande voetpedalen bediend worden.
  5. Heb ik recht op aanpassing van mijn werktijden/ en pauzes?
    Je hebt, tot 6 maanden na de bevalling, recht op:
    – regelmatige arbeids – en rusttijden;
    – maximaal 10 uur arbeid per dienst en gemiddeld 45 uren per 16 weken;
    – extra pauzes (1/8 van de arbeidstijd); een geschikte, afsluitbare ruimte om te rusten (met bed of rustbank) of te kolven;
    – gelegenheid om zwangerschapsonderzoeken te ondergaan;
    – een geschikte, afsluitbare ruimte om te rusten (met bed of rustbank) of te kolven;
    – beperking van onregelmatig werk in het algemeen en nachtarbeid in het bijzonder.Je mag dus in principe niet door de werkgever worden verplicht om tussen 00.00 uur en 06.00 uur (nachtdiensten) te werken. Neem contact op met ons als je werkgever je hiertoe verplicht. De aanpassing van werktijden en pauzes staan beschreven in de Arbeidstijdenwet (ATW).
  6. Hoe lang heb ik recht op zwangerschapsverlof/ bevallingsverlof?
    De weken verlof voorafgaand aan de bevalling heet zwangerschapsverlof. Je hebt recht op zwangerschapsverlof vanaf 6 tot 4 weken voor de dag na de uitgerekende bevallingsdatum.
    Dit verlof duurt tot en met de dag van de bevalling.
    Het verlof na je bevalling heet bevallingsverlof. Je hebt op minstens 10 weken bevallingsverlof. Dit verlof gaat een dag na je bevalling in.
  7. Wat als mijn baby te vroeg of te laat is geboren?
    Is je baby te vroeg geboren? Dan tel je de dagen dat je minder dan 6 weken zwangerschapsverlof hebt gehad op bij je bevallingsverlof. De totale verlofperiode is altijd 16 weken. Wordt je baby te laat geboren? Dan tel je de dagen dat de baby na de verwachte bevallingsdatum wordt geboren op bij de termijn van 16 weken. In totaal duur het verlof dus minimaal 16 weken.
  8. Word ik doorbetaald tijdens de periode van mijn zwangerschaps/ bevallingsverlof?
    UWV betaalt de periode van je zwangerschaps- en bevallingsverlof. De werkgever vraagt namens jou de uitkering maximaal 4 en minimaal 2 weken voor de ingangsdatum van je zwangerschapsverlof aan. Geef ook een zwangerschapsverklaring van je verloskundige, gynaecoloog of huisarts waarin staat dat je zwanger bent. De werkgever hoeft deze verklaring niet mee te sturen bij de aanvraag, maar moet deze wel bewaren. Binnen 4 weken na de aanvraag krijg je van UWV een brief met de beslissing over de uitkering. De werkgever ontvangt een kopie. Meestal maakt UWV de uitkering over aan je werkgever en die maakt het weer over aan jou. Je ontvangt 100% van je dagloon met een maximum dagloon. Op de website van UWV kun je nalezen wat de hoogte van het maximum dagloon op dit moment is.
  9. Waar hebben vaders/ partners recht op?
    Vaders of partners van de moeder hebben recht op 2 dagen betaald kraamverlof. Bij een thuisbevalling moet je het kraamverlof binnen 4 weken na de geboorte opnemen. Bij een ziekenhuisbevalling is dat binnen 4 weken na thuiskomst. Je moet je werkgever zo snel mogelijk melden wanneer je het kraamverlof wilt opnemen. Hij mag je kraamverlof niet weigeren. Voor de aanwezigheid tijdens de bevalling kun je beroep doen op calamiteitenverlof. De werkgever betaalt de 2 dagen kraamverlof.
  10. Op 1 januari 2015 is de wet modernisering regelingen verlof en arbeidstijden in werking getreden. Wat zijn de belangrijkste wijzigingen?
    Per 1 januari 2015 krijgen werkneemsters recht om hun bevallingsverlof flexibel op te nemen. Je hoeft dan zes weken na de bevalling niet meer voltijd verlof op te nemen, maar je kunt voor een langere periode verlof aanvragen. De totale duur van het verlof blijft hetzelfde. Als je kindje tijdens het bevallingsverlof in het ziekenhuis moet blijven (bijvoorbeeld door vroeggeboorte), heb je recht op een langere periode bevallingsverlof. Het uitgangspunt is dat moeder en kind tien weken thuis moeten kunnen doorbrengen, voordat de moeder weer aan het werk moet.Wat ook nieuw is per 1 januari is dat het bevallingsverlof naar de vader kan worden doorgeschoven als de moeder overlijdt. Vaders krijgen verder recht op 3 extra dagen verlof na de geboorte van een kind. Deze drie extra dagen zijn wel onbetaald. Moeders die bevallen van een tweeling krijgen vier extra weken bevallingsverlof. Het is alleen niet bekend wanneer deze specifieke regeling in gaat.
  11. Ik wil mijn kindje graag borstvoeding blijven geven. Kan ik hier na mijn zwangerschapsverlof mee doorgaan?
    Je hebt de eerste 9 maanden van je kind het recht om te voeden en/of te kolven op je werk. Je werkgever moet zorgen voor een ruimte die goed verwarmd, hygiënisch en afsluitbaar is, zodat jij comfortabel kan kolven. Een toilet behoort dus niet tot een beschikbare ruimte! Je mag tot een kwart van je werktijd gebruiken om te voeden of te kolven. Daarnaast heb je nog recht op je normale pauze. Je mag deze beschikbare tijd ook gebruiken om naar je kindje toe te gaan om hem of haar te voeden. De tijd waarin je kolft of voedt word je normaal doorbetaald.
  12. Ik ben ziek tijdens mijn zwangerschap. Waar moet ik op letten?
    Normaal gesproken betaalt de werkgever als je ziek bent je loon door. Dit is niet het geval als je arbeidsongeschikt bent vanwege je zwangerschap. UWV betaalt dan je salaris door. In de meeste gevallen betaalt de werkgever je loon door. De werkgever ontvang je salaris van UWV.Het is wel belangrijk om te weten dat ziektedagen tussen 6 en 4 weken voor de uitgerekende datum in mindering komen op je totale verlof. Dit betekent dus als je hebt gekozen om tot 4 weken voor de uitgerekende datum te blijven werken, zodat je 12 weken bevallingsverlof hebt, de ziektedagen dan van je 12 weken bevallingsverlof worden afgetrokken.
    Ben je aansluitend op het zwangerschapsverlof arbeidsongeschikt vanwege de zwangerschap, dan komt zij na het verlof in aanmerking voor een uitkering tot maximaal 104 weken. Na 2 jaar ziekte kan je voor een WAO/WIA-uitkering in aanmerking komen.
  13. Kun je ontslagen worden tijdens je zwangerschap?
    Je kunt niet ontslagen worden als je zwanger bent. Je werkgever mag je ook niet ontslaan omdat hij denkt dat je zwanger wilt worden. Ook tijdens je zwangerschapsverlof, bevallingsverlof en de eerste 6 weken na je bevallingsverlof mag je niet worden ontslagen.

Tijdelijk contract niet verlengd
Heb je een tijdelijk contract dat afloopt tijdens je zwangerschap? Dan hoeft je werkgever je contract niet te verlengen. Maar je zwangerschap mag niet de reden zijn om je contract niet te verlengen. Dit is discriminatie.

Wel ontslag tijdens zwangerschap
Alleen in speciale gevallen is ontslag tijdens zwangerschap mogelijk. Dit is mogelijk bij reorganisaties of als je je ernstig misdraagt.

Bronnen:

Opleiding volgen? Met deze tips overtuig jij je baas!

Je blijven ontwikkelen, ook al heb je een leuke (en vaste) baan, is ontzettend belangrijk. Het is goed voor je eigen ontwikkeling, maar ook om sterker te staan in je baan. Wie weet kun je een stap maken in je carrière. Ook voor je werkgever is het belangrijk dat jij je ontwikkelt. Daar heeft hij immers ook baat bij. Maar hij moet nog wel ja zeggen tegen jouw opleidingsplan. Hoe pak je dit het beste aan? Lees onze tips.

  1. Bereid je voor!
    Bereid je goed voor op het gesprek met je baas. Formuleer een duidelijk leerdoel en zorg dat je informatie over de opleiding bij de hand hebt; over de inhoud van de opleiding, de duur en de kosten. Kijk ook in wat er in de CAO afgesproken is over scholing en opleiding. Vaak staan er in een CAO afspraken over hoeveel budget er per medewerker is voor scholing en opleiding. Volgt een collega een opleiding op kosten van het bedrijf? Vraag hoe hij of zij dat heeft aangepakt. Je kunt ook de afdeling P&O inschakelen om te vragen hoe je het beste het gesprek met je werkgever aan kunt pakken. Bekijk van tevoren ook hoeveel eigen tijd je bereid bent te investeren. Je komt hiermee je werkgever tegemoet en je laat zien dat je gemotiveerd bent en bereid in jezelf te investeren. Het is dan ook makkelijker om een investering van je werkgever te vragen.
  2. Wat wil je?
    Benoem tijdens het gesprek wat je wilt met de opleiding. Hoe past die in jouw carrière en in jouw ontwikkeling? Benoem ook het belang dat de werkgever heeft bij de opleiding en de toegevoegde waarde die het biedt voor de organisatie. Stel jezelf hierbij een aantal vragen. De antwoorden kun je als argument naar je werkgever toe gebruiken.a. Welke kennis en ervaring uit de opleiding kun je toepassen in je huidige baan?
    b. Wat zou je op termijn extra met de kennis kunnen doen?
    c. Hoe past de opleiding in de ambities van de organisatie?
    d. Wat betekent de opleiding voor jou en je motivatie, blijf je langer in je baan en/of zie je intern mogelijkheden om door te groeien?
    e. Kun je de kennis delen met je collega’s?
  3. Wanneer een gesprek?
    Je kunt je scholing altijd ter sprake brengen, maar er is een aantal ‘natuurlijke’ momenten die er zeer geschikt voor zijn. Bijvoorbeeld het functioneringsgesprek. Dit gesprek gaat over jouw functioneren en jouw toekomst. Je kunt van tevoren al aangeven dat je het over je loopbaan wilt hebben, zodat je werkgever zich er op voor kan bereiden en het onderwerp niet ondersneeuwt. Sommige organisaties werken met een POP, Persoonlijk Ontwikkelings Plan. Als je gezamenlijk je ontwikkelingsdoelen vaststelt, is het logisch om ook over scholing te praten. Ook in een beoordelingsgesprek kun je in gesprek gaan over je opleidingswensen.
  4. Nadelen?
    Natuurlijk is het fijn als je werkgever de kosten voor je opleiding betaalt. Maar er kleven ook nadelen aan. Het is aan jou om te besluiten of die nadelen opwegen tegen de voordelen. Als je bijvoorbeeld de opleiding niet afmaakt, wil de werkgever meestal zijn bijdrage terug. En als je overstapt naar een andere werkgever, kan het zijn dat jij (of je nieuwe werkgever) de kosten voor de opleiding moet vergoeden. Zorg ervoor dat dit voordat je aan de opleiding begint duidelijk is en op papier staat, bijvoorbeeld in een studieovereenkomst.

Bronnen:

  • Carrièretijger
  • LOI
  • Springest.

Moet ik werken op Koningsdag en 5 mei?

Koningsdag (27 april)
Koningsdag is een officiële feestdag in Nederland, maar het is niet automatisch een vrije dag. Je bent vrij, tenzij je CAO iets anders vermeldt. Als je toch moet werken op Koningsdag, dan heb je meestal op basis van je CAO recht op een toeslag.

Bevrijdingsdag
Bevrijdingsdag (5 mei) is een officiële feestdag in Nederland, maar het is niet automatisch een vrije dag. Of je vrij bent op Bevrijdingsdag hangt af van je CAO of arbeidsovereenkomst. Werknemers van de Rijksoverheid zijn wel altijd vrij op 5 mei als hun werk dat toelaat. Andere overheidsinstellingen volgen zoveel mogelijk het voorbeeld van de Rijksoverheid.

Hoewel Koningsdag en 5 mei bekende feestdagen zijn, is het niet altijd duidelijk of je die dag ook vrij bent.

Hoe vraag je om salarisverhoging?

Als je je werkgever om meer salaris wilt vragen, is een goede voorbereiding noodzakelijk. Je moet vaak de juiste argumenten hebben om hem/haar te overtuigen. Hier lees je hoe je succesvol om meer salaris kunt vragen.

  1. Bereid je goed voor
    Om over je salaris te onderhandelen, moet je weten wat het salarisbeleid is van je werkgever. Ook moet je goed kunnen beargumenteren waarom jij een salarisverhoging hebt verdiend. Zoek bijvoorbeeld uit wat het gangbare salaris is voor jouw functie binnen jouw organisatie, maar ook daarbuiten. Ben je makkelijk of juist moeilijk vervangbaar? Is er veel vraag naar mensen zoals jij? Weet hoe je positie op de arbeidsmarkt is.
  2. Neem initiatief
    Je werkgever zal niet snel bij jou komen met het voorstel je salaris te verhogen. Als je ervan overtuigd bent dat je recht hebt op meer salaris, neem dan zelf het initiatief om hierover in gesprek te gaan. Als jij niets van je laat horen, denkt je werkgever dat je tevreden bent over je salaris. Je kunt je salaris aan de orde stellen tijdens een regulier gesprek met je werkgever (functionerings- of beoordelingsgesprek) of hierover een aparte afspraak plannen. Een positieve beoordeling of een goed afgerond project geeft een goede aanleiding om over een salarisverhoging te beginnen.
  3. Bepaal je strategie
    Bedenk van tevoren wat je strategie is, zet die desnoods puntsgewijs op papier. Dat geeft je tijdens het gesprek houvast. Ga bij het bedenken van de strategie niet alleen van jezelf uit, maar ook van diegene die tegenover je zit. Zorg ervoor dat je argumenten aansluiten bij die van de belangen en doelstellingen van de organisatie. Stel jezelf een aantal vragen die je helpen bij het bepalen van je strategie, bijvoorbeeld:
    – Wat zal ik voorstellen?
    – Wat is mijn ‘wisselgeld’, tot hoever wil ik gaan?
    – Wat vind ik belangrijk, meer salaris of scholing/opleiding?
    – Bedenk een aantal tegenargumenten van de werkgever en jouw antwoorden hierop.
  4. Het gesprek
    Zorg dat je uitgerust en goed voorbereid bent. Kom op een vriendelijke toon snel ter zake. Begin niet met eisen, maar noem je argumenten en je marktwaarde op en laat zien dat je niet zomaar om een salarisverhoging vraagt. Luister vervolgens goed naar je werkgever en zijn/haar argumenten en geef daar jouw visie op. Laat je in ieder geval niet met een kluitje in het riet sturen en accepteer ook nooit zomaar een voorstel. Geeft niet te snel je wens weg. Vraag altijd bedenktijd. Als je baas aangeeft dat er geen financiële ruimte is voor een salarisverhoging, dan kun je je poot stijf houden (met alle gevolgen van dien) of je stelt voor over een half jaar het onderwerp nog een keer te bespreken. Daarmee geef je aan dat het voor jou een belangrijk punt is. Kom je er helemaal niet uit, stel dan een vervolggesprek voor. Ga in ieder geval nooit dreigen met ontslag, werkgevers laten zich niet graag onder druk zetten. En dreigen kan de relatie met je werkgever ook onder druk zetten.
  5. Gelukt?
    Is het jou gelukt een salarisverhoging af te spreken? Gefeliciteerd! Dan kun je aan de afronding beginnen, want ook dat hoort erbij. Benoem wat je afgesproken hebt nog eens aan het eind van het gesprek, zodat er geen misverstand over kan ontstaan. De werkgever moet er vervolgens voor zorgen dat de afspraken op papier komen. De afspraken moeten schriftelijk worden vastgelegd en je krijgt een nieuwe overeenkomst die je moet ondertekenen.

Bronnen:

  • Carrièrejager
  • Intermediair
  • CNV
  • Stepstone.

10 tips als je baan op het spel staat!

Het kan je zo maar overkomen. Door veranderingen binnen je organisatie, wordt een groot aantal banen geschrapt. Dat heeft je manager onlangs bekend gemaakt. In de tussentijd wordt de sfeer op de afdeling grimmiger.

Het is afwachten of er ook bij jou een ontslagbrief op de deurmat valt. Wat doe je dan? 10 tips voor als je baan op het spel staat!

  1. Blijf niet in ontkenning hangen.
    Als het gebeurt, gebeurt het. Ontslag houd je niet tegen. Zorg liever dat je voorbereid bent. Kun je bijvoorbeeld een goed sollicitatiegesprek voeren of is dat al heel lang geleden? Laat iemand eens naar je CV kijken of volg een training die je kennis up tot date maakt.
  2. Emoties hebben is menselijk.
    Maak daar dus absoluut wel ruimte voor. Ben je boos en teleurgesteld? Daar is niets mis mee. Dit zegt dat jij betrokken bent. Blijf alleen niet te lang hangen. Emoties vertroebelen namelijk je zicht om oplossingen te zien en maken de weg naar ander werk moeilijker.
  3. Denk eens na over een antwoord de volgende vraag: Is je leven meer dan werken? Hoe belangrijk is werken voor je? In hoeverre is de mate waarin je je druk maakt over je baan gelijk aan de waarde die het heeft in je leven?
  4. Deel je verhalen of emoties met anderen. Praten helpt goed om je situatie te relativeren. Daarnaast krijg je ook vaak heel veel goede tips van mensen die blanco tegen je situatie aankijken. En als je met lotgenoten praat komt daar zelf een element bij, namelijk ‘begrip’.
  5. Denk eens na over je wensen en je dromen. Deel ze met anderen en ervaar hoeveel tips je krijgt. Niets is onmogelijk. Misschien kom je in je netwerk mensen tegen die je op weg kunnen helpen, of vind je manieren daar te komen waar je wilt zijn. Wegen die je anders nooit ontdekt had.
  6. Inventariseer wat er nodig is om straks zo min mogelijk last van je ontslag en de vermindering aan inkomen te hebben. Geef je onnodig geld uit of heb je een hele dure hobby die wel wat minder kan? Is een verbouwing aan je huis wel nodig of staat er een extra auto voor de deur die nauwelijks gebruikt wordt? Maar inventariseer ook tijdig de hoogte van je ontslagpremie en wat je daarmee kunt verdeelt over de komende jaren.
  7. Mensen zeggen makkelijker wat ze niet willen, maar wat ze wel willen is veel belangrijker. Schrijf eens op wat je ‘wel’ wilt. Kijk iedere week naar de resultaten en noteer ze op datzelfde lijstje. Check jezelf of je niet teveel bezig bent met ‘niet willen’. Oplossingen komen pas als je weet welke koers je wilt varen.
  8. Realiseer je dat je heel veel kunt. Misschien wordt dit de mooiste tijd van je leven! Wij denken maar al te snel: ik ben te oud, ik kan dat niet en veranderen vind ik moeilijk. Daar doet de buitenwereld vaak ook nog eens schepje bovenop. Toch als je ergens wilt komen, dan is alles mogelijk. Volhouden en volharden is een kunst die je altijd brengt waar je wilt zijn. Vecht alsof het je geliefde is!
  9. Ben je bang of raak je in paniek? Realiseer je dan dat de wegen in het leven lopen nooit recht. Voor niemand. Je bent wellicht niet bekend met het verliezen van een baan. Dat zijn vele mensen niet. Paniek en angst zijn de slechtste raadgevers.
  10. Blijf in gesprek met je leidinggevende. Hij/zij is niet persoonlijk verantwoordelijk voor je situatie. Als er wederzijds begrip blijft, is het makkelijker met elkaar te praten. Dit kan een enorme hulp zijn bij een ontslaggesprek. Onderhandelen doe je namelijk met je hoofd en niet met je hart.

Wil jij het voor jezelf makkelijker maken?
Start nu! Koop mijn boek ‘Overwin het labyrint van werk naar werk’ voor € 19,95 (excl. verzendkosten). Voor bestellingen of meer informatie www.nieuwewerklozen.nl

10 tips voor een zorgeloze belastingaangifte

Nooit een leuk klusje, maar met de volgende tips lukt het je vast je belastingaangifte zonder problemen in te vullen.

Het is weer zo ver: tijd om je belastingaangifte in te vullen. Er zijn leukere dingen om te doen, maar met de volgende tips maken we het je stukken gemakkelijker. Het is helemaal eenvoudig als je lid bent.

  1. CNV Belastingzittingen bij jou in de buurt.
    We vullen dan één op één samen met jou je belastingaangifte in. We kunnen dan ook meteen je toeslagen aanpassen of aanvragen. Maak voor een belastingzitting een afspraak online of bel 030-751 1050 op werkdagen tussen 8.00 en 18.00 uur voor een afspraak. Dit kan tot uiterlijk begin april.
  2. Bereid je aangifte goed voor als je het zelf wilt doen.
    Je hebt een aantal documenten absoluut nodig om je aangifte te kunnen doen. Verzamel ze op tijd en ga op een rustige plek zitten om je aangifte in te vullen. Wat heb je nodig om digitaal aangifte te doen?- Gebruikersnaam en wachtwoord voor DigiD (ook, indien nodig, van je partner),
    – burgerservicenummer (BSN),
    – jaaropgave van je werkgever(s),
    – overzicht van uitkeringen, zoals WAO, WIA, WW, lijfrente, bijstand, partneralimentatie en levensloopuitkering,
    – overzicht van spaar- en beleggingsrekeningen van het hele jaar,
    – overzicht van schulden en aankoop op afbetaling,
    – WOZ-beschikking,
    – financieel overzicht van je bank (o.a. hypotheekgegevens),
    – bewijsmateriaal van aftrekposten, zoals scholing, giften, specifieke zorgkosten, partneralimentatie, levensonderhoud van kinderen en studiekosten. De Belastingdienst heeft een special app ontwikkeld voor de aangifte.
  3. Download je aangifte.
    Vanaf 1 maart kun je de vooraf ingevulde aangifte via de website van de Belastingdienst downloaden. De gegevens zijn voor een groot deel al ingevuld.
  4. Vraag uitstel als je de deadline niet haalt.
    Dat kan via de BelastingTelefoon (0800-0543) of via het uitstelformulier op de website van de Belastingdienst. Dan verschuift de deadline naar 1 september.
  5. Trek je reiskosten af.
    Reis je dagelijks met trein, bus, tram of metro meer dan tien kilometer naar je werk? En worden de reiskosten niet volledig vergoed door je werkgever? Dan heb je recht op aftrek. Je hebt wel een ov-verklaring (via de vervoerder) of reisverklaring (van de werkgever) nodig.
  6. Let op andere aftrekposten bij aankoop van een huis. Huis gekocht? Let dan ook op andere aftrekposten dan de hypotheekrente. Je kunt bijvoorbeeld de afsluit- of oversluitkosten aftrekken. Net als de advieskosten, de notariskosten voor de hypotheekakte (niet de koopakte!), de kosten van een taxatie en bij oversluiten de eventuele boeterente. Vooral bij dit soort onderdelen kan het CNV je op de belastingzittingen goed helpen.
  7. Bepaal wie de aftrekposten krijgt.
    Ben je fiscaal partner, dan mag je de vrijstelling voor spaargeld en beleggingen van elkaar gebruiken. Je mag bovendien zelf bepalen wie de fiscale aftrekposten krijgt. Daar kun je samen beter van worden als de aftrekposten worden gegeven aan de partner met het hoogste inkomen. Hierdoor kun je meer belasting terugkrijgen. Dit doe je door in het aangifteprogramma, in het scherm ‘Verdeling’, te ‘schuiven’ met je fiscale aftrekposten.
  8. Check of je recht hebt op toeslagen.
    Mensen met lage inkomens kunnen in aanmerking komen voor een bijdrage in de kosten voor de zorgverzekering, huur of de kinderen. Zo’n bijdrage heet een toeslag. Wil je weten of jij over het jaar 2013 nog recht hebt op een toeslag? En zo ja, hoeveel? Maak dan een proefberekening op de site van de Belastingdienst .
  9. Controleer je aangifte.
    Een fout(je) is zo gemaakt. En in het geval van je aangifte kan dat vervelende gevolgen hebben. Wanneer je je aangifte volledig hebt ingevuld, is het daarom goed om alle ingevulde velden nog een keer kritisch na te lopen. Controleer of je niks over het hoofd hebt gezien en of je de goede bedragen op de juiste plek hebt gezet. Pas dan versturen
  10. Print voor de zekerheid je aangifte.
    Bewaar je aangifte na verzending op je computer. Maar je computer kan crashen of stukgaan. Een kopie op USB-stick of externe harde schijf kun je volgend jaar weer gebruiken bij de aangifte. Ofmail alles naar jezelf. Bewaar ook de bijlagen goed, zoals jaaropgaven en rekeningoverzichten. De fiscus kan er later naar vragen. Op de belastingzittingen van het CNV krijg je een stick mee!

Bronnen:

  • CNV Belastingservice
  • pensioenfonds PGGM
  • Belastingdienst

Leuk werk

8 tips om je werk leuk te houden

In deze crisistijd kiezen veel werknemers voor zekerheid. De tijd van jobhoppen lijkt voorbij. Maar als je dan blijft zitten op je huidige werkplek, hoe kun je het dan leuk houden? 8 tips om je werk met plezier te blijven doen.

  1. Wat vind ik leuk?
    Plezier op je werk kan alleen maar als je dingen doet die jezelf leuk vindt. Natuurlijk kan je baan nooit voor de volledige 100% leuk zijn, omdat je wel eens dingen moet doen die je ervaart als corvee. Maar zet eerst op een rij wat je leuk vindt in je baan, maar vooral ook wat je sterke punten zijn. Ga dan in gesprek met je leidinggevende en vertel hem wat jij leuk vindt of wat je graag wilt doen. De kans is gewoon erg groot dat je ruimte krijgt om in je baan die klussen te doen waar je goed in bent en die je werkplezier geven.
  2. Behoud autonomie.
    Mensen die controle hebben over hun tijd en activiteiten, voelen zich beter hersteld en uitgerust. Voel je niet verplicht elk mailtje meteen te beantwoorden. Ga niet de hele dag als een razende roeland achter je computer allerlei stukken tikken, maar wissel het af. Misschien werk je in de zorg en denk je dat dit niet mogelijk is vanwege de werkdruk. Probeer toch af en toe even rust te nemen en maak een tijdschema dat bij jou past.
  3. Maak doelen.
    Vaak zit je na je vakantie al snel weer in de oude patronen. Zet bijvoorbeeld je voornemens op het werk op papier. Wat wil ik bereiken in mijn werk? Wat is realistisch? Dat kan ook iets heel concreets zijn als verdieping in je vak door lidmaatschap op een vaktijdschrift. Je hoeft niet per definitie een ingewikkelde cursus te volgen, maar kunt ook naar een congres gaan dat met je werk te maken heeft.
  4. Houd bevlogenheid.
    Al doe je je werk al een aantal jaren, probeer niet cynisch te worden. Houd je bevlogenheid zonder verslaafd te raken aan je baan. Wie bevlogen is, blijft zich ontwikkelen en wie zich ontwikkelt, blijft bevlogen. Je komt in een positieve spiraal terecht.’
  5. Regisseur van je eigen loopbaan.
    Wacht niet af of je tijdens een functioneringsgesprek een cursus mag volgen van je leidinggevende. Ga op onderzoek uit, vraag je steeds af: wat heb ik nodig om mijn werk goed te blijven doen? Kom met een concreet voorstel. De kans is groot dat je leidinggevende dit waardeert en toestemming geeft voor een opleiding of training die jezelf hebt uitgekozen.
  6. Investeer in je collega’s.
    Je collega hoeft niet je vriend te worden, maar het is ongelooflijk belangrijk goed samen te werken. Wees daarom belangstellend en ga maandagochtend niet meteen hard aan het werk, maar vraag eens naar het weekendgevoel van je collega’s. Of stel voor te gaan lunchen of na het werk eens ergens te gaan borrelen.
  7. Gebruik je lunchtijd goed!
    Dit lijkt vanzelfsprekend, maar heel veel werknemers gaan tijdens de middagpauze gewoon door. Zeer onverstandig! Ga lunchen in het bedrijfsrestaurant of beter nog: maak een wandeling tussen de middag. Je hoofd raakt even leeg en je kunt er dan weer helemaal tegen aan.
  8. Spreid je vakantie.
    Plan je vakantie goed en ga niet eerst driekwart jaar keihard racen, om dan helemaal uitgeput aan je verlof te beginnen. Vaak zitten er in de CAO à la carte (cafetariamodel) aantrekkelijke punten als kopen van verlofdagen. Maak er gebruik van, zodat je werk leuk blijft!

Opmerking van de redactie: bron van dit artikel was onder andere www.intermediar.nl. Aanbevolen literatuur ‘Mooi werk’, een handboek over job crafting (= je baan beïnvloeden) van Mark van Vuuren en Luc Dorenbosch.

{"single_open":"true","transition_speed":"300"}